In deze blogs delen we informatie over verschillende onderwerpen die verband houden met Het Luitzenpark. We richten ons hierbij vooral op de dieren en planten die in het park voorkomen.


Reiger met rivierkreeft

Een verrassende ontdekking in de vijver

Deze week maakte ik een foto van een reiger bij de vijver. Hij stond heel rustig in het water, maar plotseling pakte hij iets in zijn snavel. Ik had geen idee wat het was — het leek in ieder geval niet op een kikker of pad. Het was donker, compact en had twee duidelijke scharen die naar voren staken. De manier waarop de reiger het achter het kopgedeelte vasthield, deed vermoeden dat het iets heel anders moest zijn.

Omdat ik er zelf niet uitkwam, vroeg ik het aan ChatGPT. Volgens hem was het waarschijnlijk een rivierkreeft. Niet met 100% zekerheid, maar het leek goed mogelijk. Toen ik dit eenmaal wist, viel alles op zijn plek: die twee scharen, het compacte lichaam, de manier van vasthouden. Het was fascinerend om zo’n klein dier ineens onderdeel te zien zijn van een groter verhaal in mijn vijver.

Lees meer »

Waarom de winter belangrijk is in de natuur

In de winter lijkt de natuur rustig en soms zelfs leeg. Bomen zijn kaal, bloemen zijn verdwenen en veel dieren laten zich niet zien. Toch is de winter geen dode periode. Het is een noodzakelijke tijd waarin de natuur kan uitrusten, herstellen en zich voorbereiden op wat komt.

Lees meer »

Porseleinzwam

Tijdens een wandeling door het bos kwamen we een beuk tegen met prachtige porseleinzwammen. Hun glanzend witte hoeden straalden in het zachte herfstlicht, alsof ze van echt porselein waren vervaardigd. De porseleinzwam is zonder twijfel een van de meest sierlijke paddenstoelen van het najaar – breekbaar, doorschijnend en bijna magisch tussen de bomen.

Lees meer »


Heksenboter – een vreemde maar fascinerende slijmzwam

In het Luitzenpark kun je een interessante verschijning tegenkomen: heksenboter, ook bekend als runbloem (Fuligo septica). Deze felgele slijmzwam uit de familie Physaraceae trekt aandacht dankzij zijn plasmodium, een beweeglijke, levende massa die vaak een glanzend spoor achterlaat. Heksenboter voedt zich met micro-organismen en groeit voornamelijk op dood hout, hoewel het soms ook binnenshuis op muren kan verschijnen. Wanneer de zwam in een omgeving komt met weinig voedsel of water, verandert zijn uiterlijk aanzienlijk.

Lees meer »

Galwespen.

In het park hebben we drie verschillende soorten galappels ontdekt in de eikenbomen. Deze worden veroorzaakt door galwespen, een insectensoort die behoort tot de groep van vliesvleugeligen en afwijkt van de meer bekende wespensoorten. In tegenstelling tot gewone wespen of hoornaars bouwen galwespen geen nesten. Wat hen juist kenmerkt, is dat ze hun eitjes leggen in bladeren van bloemen, planten of bomen. Hiervoor maken ze gebruik van hun legboor, een specifiek orgaan dat je kunt vergelijken met de angel van een gewone wesp. Ze lijken totaal niet op de wespen die we allemaal kennen. Ze zijn erg klein, met een lengte variërend tussen 1 en 9 millimeter, hebben een zwarte of glanzend roodbruine kleur en beschikken over goed ontwikkelde vleugels. In totaal bestaan er 23 verschillende soorten galwespen, die vooral makkelijk te herkennen zijn aan de vorm van de gallen die zij veroorzaken en de specifieke planten waarin zij hun eitjes leggen.

Lees meer »

Padden

De gewone pad is, ondanks zijn soms algemene aanwezigheid, een soort die niet snel opvalt. Zijn verborgen leefwijze en uitstekende schutkleur zorgen ervoor dat hij niet snel in het oog springt. De gewone pad heeft het grootste verspreidingsgebied van alle amfibieën in Europa en behoort, samen met de bruine kikker en de boomkikker, tot de meest bekende kikkersoorten van het continent. Behalve in Ierland en IJsland, is de gewone pad in alle Europese landen te vinden. Buiten de voortplantingstijd is de pad vooral actief in de schemering en 's nachts, terwijl hij zich overdag verschuilt in zelf gegraven holletjes of onder stenen, houtstronken en in struiken. Zodra de winter aanbreekt, zoekt hij een dieper gelegen schuilplaats en gaat dan in winterslaap. Tijdens deze maandenlange sluimerende toestand eet en beweegt de pad niet; zijn stofwisseling komt vrijwel tot stilstand. De gewone pad overwintert soms op de bodem van een poel in de modder, maar meestal gebeurt dit op het land.

Lees meer »

Maak jouw eigen website met JouwWeb